Ook in dit jaarboek is aan de beproefde formule van de jaarboeken niet getornd. Wel is de aflevering van het jaarboek verrijkt met een extra katern, gewijd aan de kwestie van de Japanse legerprostitutie, in het bijzonder in Nederlands-Indië 1942-1945. De redactie dankt Theo van Boven en Jaap van Gelderen voor hun adviezen en bijstand bij het samenstellen van dit speciale katern.

De reden om aan het onderwerp gedwongen prostitutie tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië speciale aandacht te besteden was tweeërlei. Enerzijds traden in december 1992 tijdens een tribunaal in Tokio enkele vrouwen die indertijd tot prostitutie werden gedwongen met een getuigenis naar voren, waardoor het onderwerp opnieuw in de publiciteit kwam. Anderzijds konden er in de traditionele afhoudendheid van de Japanse regering waar het de erkennning van de Japanse schuld aan de Tweede Wereldoorlog betreft vanaf dat jaar veranderingen worden geconstateerd. Een doorbraak was de verklaring van de nieuwe premier van Japan, Morihiro Hosokawa, daags na het aantreden van zijn regering in augustus 1993, dat Japan destijds een agressieve oorlog had gevoerd en zich nu beraadde op een alles omvattende verontschuldiging. De politieke omstandigheden in Japan hebben een dergelijk gebaar tot nu toe nog niet toegelaten.

Centraal in het extra katern staat een ego-document: het aangrijpende relaas – een uitwerking van haar verklaring voor het tribunaal in Tokio – van de in Australië woonachtige Nederlandse Jeanne Ruff O'Herne over haar gedwongen verblijf in een Japans legerbordeel op Java. Het verslag van haar herinneringen wordt voorafgegaan door een algemene beschouwing over de Japanse legerprostitutie in Nederlands-Indië door Elly Touwen-Bouwsma, hoofd van de Indische afdeling van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie. De bijdrage van de historicus en econoom George Hicks (Singapore), die een studie over dit onderwerp in voorbereiding heeft, betreft een historisch overzicht van de Japanse legerprostitutie vanaf 1932 tot 1945. Hij plaatst de kwestie van de 'troostvrouwen' voor het leger in Nederlands-Indië in het bredere kader van de legerprostitutie in alle door de Japanners bezette gebieden. De redactie heeft Yoshiaki Yoshimi, hoogleraar aan de Chuo Universiteit te Tokio, bereid gevonden het thema in te leiden. Hij was het die in 1992 een aantal door hem in de archieven ontdekte documenten, waaruit de betrokkenheid van het Japanse leger bij de gedwongen prostitutie kwam vast te staan, publiek maakte. In dat jaar publiceerde hij een bundel met de belangrijkste documenten over het onderwerp, voorzien van een uitgebreide inleiding. Mede hierdoor zag de Japanse regering zich gedwongen de jarenlange houding van stilzwijgen over deze kwestie te verbreken.

Met het artikel van de Amerikaanse Nederlander Jacob Boas over misleiding bij de Holocaust wordt de gebruikelijke indeling van het jaarboek weer opgevat. Het is het eerste artikel dat dit onderwerp in zijn geheel in ogenschouw neemt. Boas is hier te lande vooral bekend geworden door zijn in 1988 verschenen boek Boulevard des Misères over het doorgangskamp Westerbork. Het tweede artikel is van de hand van de Amerikaanse Shelley Frisch. Haar artikel gaat over de rol van de Duitse schrijfster Erika Mann - beroemde dochter van de zo mogelijk nog meer beroemde vader Thomas Mann - in het debat over 'het andere Duitsland', dat tijdens en niet minder na de Tweede Wereldoorlog werd gevoerd. Dit artikel is een bijprodukt van de biografie over Erika Mann, die zij in voorbereiding heeft. De Nederlandse bijdrage aan dit jaarboek is van de hand van de classicus Paul Schuiten en geeft uitdrukking aan het streven van de redactie meer aandacht te besteden aan het verschijnsel van de intellectuele collaboratie. Schultens portret van G.A.S. Snijder, van 1928 tot 1945 buitengewoon hoogleraar in de archeologie aan de Universiteit van Amsterdam en tijdens de bezetting een toegewijd handlanger van de Duitsers, kan worden gezien als een vervolg op het in het vorig jaarboek gepubliceerde artikel over Tobie Goedewaagen.

Het foto-essay gaat over het werk van de collaborerende persfotograaf J. Fellinga. Het werd geschreven door de fotohistoricus Louis Zweers. Het essay besteedt met name aandacht aan de tot op heden in de literatuur onderbelichte stijl van de Nederlandse oorlogsfotografie. Het recensie-artikel - een rubriek die in de eerste vier jaarboeken het exclusieve domein was van de bibliothecaris van het instituut Dick van Galen Last - werd ditmaal, op uitnodiging van de redactie, geschreven door de historicus H.L. Zwitzer, voormalig medewerker van de Sectie Geschiedenis van de Landmachtstaf. Daarmee loste de redactie de belofte in om speciale aandacht te schenken aan de recent verschenen literatuur over Nederlands-Indië en de Tweede Wereldoorlog.

De directeur van het instituut leverde aan dit jaarboek een bijdrage in de rubriek 'Uit het archief'; zijn collega Henri Rousso, van het Institut d'Histoire du Temps Présent in Parijs, zet met zijn artikel over zijn instituut de rondgang langs onze zusterinstituten voort.

De historicus Guus Meershoek schreef, eveneens op verzoek van de redactie, een essay over het werk van een van de bekendste historici op het gebied van de moord op de joden, de Amerikaan Raul Hilberg. Naar de redactie hoopt zal Meershoeks artikel de opmaat vormen voor publikatie in de komende jaarboeken van meer van dergelijke essays over het werk van vooraanstaande historici van de Tweede Wereldoorlog.

Het jaarboek wordt, zoals gewoonlijk, besloten met de rubrieken 'Onderzoek' en 'Stand van Zaken'. De eerste rubriek geeft een overzicht van recent afgeronde scripties en werkstukken die een onderwerp uit de Tweede Wereldoorlog behandelen en de tweede behelst het jaarverslag van het instituut over de periode zomer 1992 tot zomer 1993.

Inhoudsopgave

- Yoshiaki Yoshimi, De kwestie van de 'troostvrouwen voor het leger': de houding van de huidige Japanse regering
- George Hicks, Japanse legerprostitutie 1932-1945: een overzicht
- Elly Touwen-Bouwsma, Japanse legerprostitutie in Nederlands-Indië 1942-1945
- Jeanne Ruff O'Herne, Vijftig jaar zwijgen
- Jacob Boas, De misleidingstactieken van de nazi's bij de liquidatie van de Europese joden
- Sbelley Frisch, Erika Mann, 'Vansittartism' and the 'Other Germany': The Shape of a Debate in Exile
- Paul Schulten, De archeologie van een collaboratie. Leven en werk van prof. G.A.S. Snijder

Het foto-essay
- Louis Zweers, Het fotopersbureau Fellinga

Het recensieartikel
- H.L. Zwitzer, Literatuuroverzicht 1991-1993

Nederlands-Indië en de Tweede Wereldoorlog

Het archief
- C.M. Schulten, Een Duitse visie uit 1944 op de Engelse opleiding tot sabotageagent

De zusterinstituten
- Henry Rousso, L'Institut d'Histoire du Temps Présent

De historicus
- Guus Meershoek, Raul Hilberg: een glashard relaas van de moord op de joden

Onderzoek
- Scripties en werkstukken 1992-1993

Stand van zaken
- C.M. Schulten, Het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie

 

Plaats van uitgave: 
Zutphen
Uitgever: 
Walburg Pers
Jaar van uitgave: 
1994