Genocide in Cambodja 1975-1979

De Khmer Rouge greep op 17 april 1975 de macht in Cambodja. Zij wilde een communistische, zelfvoorzienende samenleving creëren. De nieuwe machthebbers, met Pol Pot als leider, doopten Cambodia om tot Democratisch Kampuchea (DK). Inwoners uit de steden moesten de stad verlaten, scholen en boeddhistische kloosters sloten, geld werd afgeschaft en het begrip familie bestond niet langer. Persoonlijke eigendommen waren niet toegestaan en alles wat met het buitenland te maken had, werd gehekeld. 1,7 miljoen mensen zouden tijdens het vierjarige bewind van de Khmer Rouge omkomen.

Cambodja voor 1975
Voordat de Khmer Rouge de macht greep bestond Cambodja voornamelijk uit een verstedelijkte middenklasse, landeigenaren en plattelandsbewoners. Voorheen was het land eerlijker verdeeld dan in de buurlanden, maar in de jaren zestig en zeventig onstond er een grotere kloof tussen stad en platteland. De boeren zagen de steden als de politieke en economische macht, iets wat ver van hen afstond. Maar er waren meerdere factoren die bijdroegen aan een klimaat waarin Pol Pot de macht zou kunnen grijpen. Zo was er een onderwijskloof tussen boerenkinderen en jongeren uit de stad, waardoor plattelandskinderen vaak moeite hadden met het vinden van werk. Het voor de economie destabiliserende effect op van de Amerikaanse bombardementen op Vietnamse doelwitten in Cambodja. Dit droeg allemaal bij tot de verdrijving van de door de Amerikaanse gesteunde generaal Lon Nol in 1975 door de Khmer Rouge.

Khmer Rouge
De Khmer Rouge geloofde in het nationaal en raciaal superioriteitsgevoel van de Cambodjanen. Dit totalitaire regime was gebaseerd op geheimhouding en geweld. De nationale veiligheidsdienst Santebal werd gevreesd. In hun gevangenis S-21 martelde ze verdachten om ‘bekentenissen’ te verkrijgen en dwongen ze hun ‘netwerk’ prijs te geven.

Genocide
De genocide in Cambodja was gericht op verschillende groepen. Een van deze groepen waren de Boeddhisten die tot de religieuze minderheid behoorden. Ook etnische minderheden werden vervolgd. Van de twintigtal etnische minderheden waren vooral de Chinezen, Vietnamezen en Cham doelwit. De genocidale handelingen richten zich tot het merendeel van de bevolking. De bevolking werd opgedeeld in ‘oude’ bewoners, die in de gebieden van de Khmer Rouge woonden toen die de macht overnam en ‘nieuwe’ bewoners, die in de steden woonden. In 1976 herbenoemde de KHMer Rouge deze groep tot ‘gedeporteerden’. Naar schatting kwam 29 procent van de stedelingen om tussen 1975 en 1979.

Einde Khmer Rouge
In Januari 1979 viel Vietnam Cambodja binnen. De Vietnamese troepen zouden tot 1989 in het land blijven. Toch bleef Pol Pot nog lang na zijn verdrijving erkend als de leider van Cambodja en twaalf jaar lang behield hij zijn zetel bij de Verenigde Naties. De overige leden van Pol Pot’s regime, die zich schuilhielden in het noorden van Cambodja, gingen ten onder aan paranoia en verraad.

Het vredesakkoord van Parijs
Het vredesakkoord van Parijs werd getekend op 23 oktober 1991 en daarmee kwam een eind aan twaalf jaar burgeroorlog. Cambodja werd tijdelijk bestuurd door een Nationale Raad en de United Nations Transit Authority of Cambodia van de Verenigde Naties. In mei 1993 werden de eerste vrije verkiezingen gehouden in meer dan twintig jaar tijd.

Meer lezen over de genocide in Cambodja kan hier.

Kinderen aan het werk. Bron: Documentation Center of Cambodia.