Uitgelicht 4: Verzoening met de natie?

Het heropvoedingexperiment kon op de langere termijn echter alleen maar slagen als de voormalige collaborateurs daar voor open zouden staan. En dat was niet altijd het geval. NSB’ers en Franstalige collaborateurs, zoals Rexisten, vonden altijd al dat zij goede vaderlanders waren. Zij hadden naar eigen zeggen tijdens de bezetting het beste met Nederland of België voor gehad. Bij de Vlaams-nationalisten lag dat anders: zij hadden zichzelf nooit als goede vaderlanders gezien en zouden dat ook nooit gaan doen. Zij erkenden dat vaderland immers niet. In tegenstelling tot de Nederlandse en de Franstalige Belgen hadden zij een alternatief voor de gevestigde natiestaat, namelijk de creatie van een Vlaamse onafhankelijke staat.

Slechts een minderheid van de collaborateurs brak daadwerkelijk met het verleden. Het nationaalsocialisme bleef in de directe naoorlogse periode op aanhangers rekenen in de Nederlandse en Belgische kampen en gevangenissen. Voor de meeste mensen moet het erkennen van hun ‘fouten’ dan ook niet meer dan een lippendienst zijn geweest om sneller vrij te komen. De verantwoordelijke autoriteiten waren zich hier vast van bewust. Maar op het moment dat voor de meeste mensen de noodzaak van de massale opsluiting was verdwenen, was dit goed genoeg.