Surrogaat klokken

Overal in Nederland werd naarstig gezocht naar alternatieven voor de gevorderde klokken. De urgentie was voornamelijk groot als het slagklokken betrof, omdat men de juiste tijd miste. Bij het bedenken van een goed surrogaat werd een beroep gedaan op de creativiteit van de bevolking, omdat er beslist geen koper of tin gebruikt mocht worden. Er werden zeer uiteenlopende oplossingen bedacht voor het klokkenprobleem. Zo deed in het Zeeuwsche Ritthem lange tijd een zuurstofcilinder dienst als klok, werd er in het Groningse plaatsje Siddeburen een melkbus in de toren gehangen en werden in het Brabantse Stampersgat van oude vuurgangen van een stoomketel op een suikerfabriek vervangende kerkklokken gemaakt. Een even fraai geluid zal het overal niet gegeven hebben, maar er hing tenminste weer iets in de torens.

In de kerktoren van Slikkerveen lukte het zelfs het geluid zo goed na te bootsen, dat de Duitsers even dachten dat er weer een échte klok in de toren hing.

In het voorjaar van 1946 stuurde en inwoner van Slikkerveer een verslag over de gebeurtenis naar het toenmalige Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie.

‘Nog niet zoo heel veel jaren hebben wij het genot hier een eigen Hervormde Kerk te hebben. Nadat er eerst in 1926 een wijkgebouw was gesticht is men later overgegaan tot de bouw van onze Hervormde Wilhelmina Kerk. Slikkerveen is namelijk een gedeelte van de Gemeente Ridderkerk. Zoo werd dan in 1931 op 16-5 de eerste steen der Kerk gelegd en dat zelfde jaar op 19-12 werd de kerk ingewijd tot grote vreugde van Hervormd Slikkerveen.

Slechts 11 jaar heeft de klok zijn slagen laten horen tot dat ook hij op 8-1-43 zijn bel aan de Duitsers af moest staat. Doch niet lang zou zijn stem zwijgen. Slechts enkele dagen nadien had de Directeur van Electro (…) een gesprek met de koster der kerk en vroeg of hij op zijn kosten zou mogen proberen de klok weer te laten staan. De koster op zijn beurt vroeg toestemming aan de toenmalige kerkvoogdij welke hiervoor gaarne toestemming gaven. Toen moest de koster met een hulp aan de slag en wel met een ouden stalen as van een spoorwagen welke na verschillende trillingsproeven naar de toren werd getransporteerd. De as welke ongeveer 2.3 m lang, 13 cm. Rond en ongeveer 160 kg, werd aan twee staaldraadjes in de toren gehangen. Toen dan ook op 7 maart 43 de klok weer zijn slagen liet horen konden niet veel mensen geloven dat dat geluid van een oude spoorwagen as was. De klank was wel iets lichter maar toch helder. Zeer tot verbazing der Duitschers welke dreigden die bel weer weg te halen. Toen ze wisten dat het slechts een oude as was, hebben wij er in berust. De oude bel was van brons en woog 220 kg'.

Petra Links

Concept tekening voor een surrogaatklok